Infill is de interne vulling van een 3D print. Het is onzichtbaar van buiten, maar heeft grote invloed op sterkte, gewicht, printtijd en kosten. In dit artikel leggen we uit wat infill is, welke patronen bestaan en wanneer je welk percentage kiest.
Wat is infill?
Bij FDM printen wordt de binnenkant van je model niet massief gevuld (tenzij je 100% kiest). In plaats daarvan maakt de printer een intern rasterpatroon. Hoe hoger het percentage, hoe meer materiaal er inzit en hoe sterker het object.
Infill percentage kiezen
Voldoende voor objecten die geen kracht hoeven te weerstaan
Ideaal voor: miniaturen, beeldjes, decoratie, Tonies, beschermhoezen voor lichte apparaten. Scheelt aanzienlijk in printtijd en kosten zonder zichtbaar kwaliteitsverlies aan het oppervlak.
De sweet spot voor de meeste prints
Ideaal voor: behuizingen, houders, brackets, functionele prototypes, cookie cutters. Goed evenwicht tussen sterkte, gewicht en prijs. Dit is onze standaardinstelling voor de meeste opdrachten.
Hogere kosten, maar meer sterkte en minder flex
Ideaal voor: dragende onderdelen, scharnierpunten, gereedschap, onderdelen die regelmatig stoten of druk ontvangen. Overweeg dit als je product echt zwaar wordt belast.
Zelden nodig, veel duurder en trager
100% infill klinkt ideaal, maar is in de praktijk zelden de beste keuze. Het is veel duurder, duurt lang en maakt het object niet proportioneel sterker dan 70–80%. Gebruik het alleen voor kleine onderdelen waar elke mm materiaal telt.
Infill patronen
Naast het percentage kun je ook het patroon kiezen. De meest gebruikte patronen:
- Gyroid — Ons standaard patroon: goed in alle richtingen, efficiënt materiaalgebruik
- Grid / Lines — Snel en sterk in X/Y richting, zwakker bij diagonale krachten
- Honeycomb — Licht gewicht, goede drukweerstand
- Cubic — Isotropisch (gelijk sterk in alle richtingen)
Twijfel je over het juiste infill percentage voor jouw toepassing? Geef je wensen aan bij je bestelling of offerteaanvraag — wij denken graag mee over de optimale instellingen.

